Melkvee100Plus
Show article

In de haven van Stellendam op de SL27 Johannes ontmoet melkveehouder Wim van Leeuwen zeevisser Johan van Seters. Beide ondernemers komen er tijdens het gesprek achter dat ze weinig sparren over kansen en bedreigingen. Beiden volgen vaak hun gevoel. Johans echtgenote Anne Marie is ook bij het gesprek. Van Leeuwen is buitengewoon geïnteresseerd in de visserij.

Zowel het bedrijf van melkveehouder Van Leeuwen als dat van zeevisser Van Seeters zit al generaties in de ­familie. Van Seters’ opa viste al op de Noordzee met een traditionele boomkorkotter op tong en schol.

In 2005 werd de boomkorkotter SL27 door een brand grotendeels verwoest. De Van Seters beraadden zich in de ­periode na de brand op hun toekomst. Door de hoge olieprijzen en de toenemende kosten kozen ze voor een nieuwe start met een compleet andere vistechniek: flyshooting. In 2007 namen ze een ander schip over en lieten dat ombouwen tot flyshooter. In 2008 werd de nieuwe SL27 Johannes in de vaart gebracht. Dit schip ligt in de winterperioden in het Kanaal tussen Frankrijk en Engeland en lost dan vis in de havens van Boulogne en Le Havre (F) en Shoreham (Gr-Br) De vis gaat per vracht­wagen naar de visafslag in IJmuiden.

In de zomer vist het schip in de Noordzee. “Wij volgen de vis, die in de zomerperiode in de Noordzee zit”, vertelt Van Seters. Op zondagavond vaart het schip uit en op vrijdagochtend is deze weer in de haven van Stellendam.

Bedrijfsovername

Bij beide ondernemers is al een paar jaar de zoon actief in het bedrijf. “Je moet een plekje creëren voor de volgende generatie”, zegt Van Leeuwen hierover. “Het is ook wel fijn dat je niet meer alles alleen hoeft te doen. En de vriendin van mijn zoon, een boerendochter, werkt in haar vrije tijd mee.”

Ook de melkveehouder heeft met zijn ­bedrijf een koerswijziging gemaakt. Zo’n
25 jaar geleden verplaatste hij het bedrijf van Ouddorp naar Stellendam. “Mijn vader had een pachtbedrijf en dus weinig in bezit. Ik had grotere ambities waarop mijn vader zei ‘koop me maar uit’. Dat heb ik gedaan.”

In 1983 had het bedrijf 90 koeien, maar moest er 20% weg vanwege de superheffing. Het bedrijf had een paar jaar geleden meer dan 200 koeien, maar er moesten er 25 weg vanwege de fosfaatrechten. Inmiddels heeft Van Leeuwen rechten bijgekocht en zijn die 25 koeien terug.

Van Leeuwen legt aan Van Seters uit hoe derogatie en fosfaatrechten werken. Die vraagt of de melkveehouder zijn koeien buiten heeft. “Nee, net zoals in de meeste landen in de wereld houd ik ze binnen. Alleen in Nederland is weidegang een item. Onze koeien zijn topsporters, als ze binnen zijn, kan ik ze de perfecte voeding geven en de arbeid efficiënt inzetten. Mijn generatie heeft het kunnen volhouden door schaalvergroting, maar die tijd is nu voorbij”, zegt de melkveehouder. “Toen mijn zoon in het bedrijf kwam, was er eigenlijk niet voldoende werk voor twee personen. Nu zijn we aan het verbreden. Eerst met loonwerk erbij en momenteel met de aankoop van grond en bietenquotum.”

Een kans die zich voordeed bij Van Leeuwen is de windopgaaf in Goeree-Overflakkee. “Bij ons in de buurt is plek voor 19 windmolens bij 10 boeren. We hebben als boeren besloten dit samen op te pakken en onze omgeving hierin mee te nemen. Alle plannen zijn nu goedgekeurd door de overheden, dus er kan gebouwd worden. We bekijken of we het zelf gaan doen, al dan niet met investeerders, of dat we het project verkopen. Windmolens vragen een miljoeneninvestering.”

Sparren over kansen en bedreigen

Beide ondernemers komen er tijdens het gesprek achter dat ze weinig sparren over kansen en bedreigingen. Beiden volgen vaak hun gevoel. Van Seters: “De ombouw van het vissersschip in 2005 heb ik op een half A4-tje uitgeschreven. Daarna heeft Anne Marie het verder uitgewerkt tot een bedrijfsplan, maar de basis moet je toch zelf bedenken. Dat gaat een adviseur niet voor je doen. Bovendien is de visserij een kleine sector, dus er is niet zoveel kennis over bij banken en accountants.”

Na een geanimeerd gesprek in de kombuis praten de ondernemers verder tijdens een rondleiding over het schip. Aangekomen in de stuurhut tekent Van Seters het principe achter flyshooting. Een flyshooter vist achter het schip met touwen, met daaraan een net. De touwen rollen over de bodem en veroorzaken stofwolken die de vissen opschrikken en er voor zorgen dat ze voor de touwen blijven uitzwemmen. De sterke en grote vissen blijven voor de touwen uitzwemmen en worden bij het naderen van het schip samengedreven naar de netopening. De ondermaatse vis ontsnapt. “Het is een duurzame methode, omdat de schepen langzaam varen en dus weinig energie gebruiken en alleen de grote vissen gevangen worden.”

Van Seters deed veel ervaring op met het flyshooten toen hij in het jaar na de brand matroos was op een Franse flyshooter. De ene week voer hij mee, de andere week hielp hij bij de afbouw van zijn eigen schip.

De keuze voor flyshooten heeft goed uitgepakt en Van Seters bleek er goed in. “De veilklok bepaalt de prijs van de vis, maar wij onderhouden wel contacten met verschillende handelaren. We leveren superkwaliteit vis. Doordat de vissen maar heel kort in het net zitten, blijft hun natuurlijke slijmlaag in tact. Dat is heel gunstig voor de houdbaarheid. Waar de vis op zee zit, bepalen we op gevoel, ervaring en kennisoverdracht van vader op zoon. In principe zijn wij afhankelijk van de natuur. Wat de zee ons geeft. ”

Windmolenparken

Wat voor Van Leeuwen een kans is, is voor Van Seters een bedreiging: windmolenparken. Van Seters: “In de huidige plannen Wind op Zee verliezen we veel goede visgronden. De economische impact zal enorm zijn voor ons. Daarnaast heeft de bouw van de mega-windmolenparken grote effecten op het ecosysteem en de ruimte op zee. Die is voor de visserij al beperkt. We kunnen en mogen niet overal vissen. We moeten rekening houden met boortorens, vaarroutes, kabels in de Noordzee, de gesloten gebieden voor de visserij en de vele stenen in de Noordzee waar wij niet kunnen vissen. “Tja, gevechten tegen de overheid win je bijna nooit”, reageert Van Leeuwen. “Mensen klagen wel eens over ons land, maar we hebben hier toch een geweldig klimaat? En de infrastructuur en afzet is in de buurt.”

Van Seters vaart inmiddels zelf niet meer. “Dat mag de schipper doen en onze zoon die meegaat.” Van de zeven maten of opvarenden gaan er steeds vijf mee op de boot. De opvarenden hebben geen vast salaris, ze delen mee in de opbrengst van de vis minus de kosten zoals in het maatschapscontract is afgesproken.

In gesprek blijven

Van Leeuwen vraagt wat de visser doet om meer in contact met de consument of de burger te komen. “Dat is eigenlijk een taak voor de handel en de visserijsector. Anne Marie is er wel meer mee bezig, maar ik niet”. De melkveehouder vertelt over de Open Boerderijdag en de ontvangst van schoolklassen. “Dat hebben jullie in de melkveehouderij beter geregeld dan wij in de visserij”, reageert Van Seters. “Je moet wel in gesprek blijven met de consument, maar mij ligt dat niet zo.”

“Ja, mensen realiseren zich niet dat er voldoende voedsel in Nederland te koop is. Daar mag best wat meer waardering voor komen”, vindt ook Van Leeuwen. “Aan de andere kant moeten we niet klagen, want niemand verplicht je om boer of visser te worden. Als we het niet willen, hoeven we het niet te doen. “Klopt”, zegt Van Seters, “We vissen omdat we het graag doen en er een boterham mee kunnen verdienen, maar ook om mensen van goede voeding te voorzien.”

Van Leeuwen is zichtbaar onder de indruk van de rondleiding. “De visserij mag trotser zijn op zichzelf. Het is een mooie tak”, vindt hij. “We komen gauw eens bij jou op het bedrijf kijken”, besluit de visser.

‘Niemand verplicht je om boer te worden

Wim van Leeuwen (65) heeft samen met zijn vrouw Lenie (65) en zoon Bart (30) een maatschap in Stellendam (Z.-H.). De maatschap melkt 200 melkkoeien en houdt het ­bijbehorend jongvee. De productie is ongeveer 10.000 liter en het bedrijf ­omvat 70 hectare grond in eigendom en 40 hectare in pacht. Op 13 hectare worden bieten geteeld. De koeien staan jaarrond op stal en worden gemolken in een carrousel.
Melkveehouder Wim van Leeuwen in vier uitspraken:
❶ Ik geniet nog steeds van een goede afkalving.
❷ Niemand dwingt je om boer of visser te zijn.
❸ Je moet een plekje creëren voor de volgende ­generatie.
❹ Mijn generatie hield het vol door schaalvergroting, maar die tijd is voorbij.

‘De basis van je bedrijfsplan moet je zelf bedenken’

Johan van Seters (53) is getrouwd met Anne Marie (52). Zoon Edwin (24) zit ook in het bedrijf. Van Seters vangt met de SL27 voornamelijk rode poon, rode mul en inktvis. Twee keer per week lost hij in verschillende havens. Ze varen met zeven maten in een maatschap. De vangst wordt na verkoop in de vis­afslag door de handel grotendeels ­geëxporteerd naar landen rondom de Middellandse Zee. In Nederland wordt een deel verkocht aan het hogere segment horeca en viswinkels.
Visser Johan van Seters in vier uitspraken:
❶ In gesprek blijven met burgers, dat doet de melkveehouderij beter.
❷ Windmolenparken op zee zijn de grootste ­bedreiging voor de visserij.
❸ Waar de vis zit bepalen we op gevoel, ervaring en kennisoverdracht van vader op zoon.
❹ De visserij is een kleine sector, dus er is niet ­zoveel kennis over bij banken en accountants.

Reageren

U kunt alleen reageren wanneer u ingelogd bent met uw account. Heeft u nog geen account, meld u dan aan.