Melkvee100Plus
Show article

Een beter bodemleven, hogere gehalten in de melk, minder aanvoer van krachtvoer. Door te rekenen op eigen ruwvoer kun je meer halen uit je eigen bedrijf. Melkveehouder Arjan Coppelmans vertelt hoe hij rekent op ruwvoer, door maximale grasbenutting door weidegang en zomerstalvoeren.

In Beerzerveld melkt Arjan samen met Thea 175 melkkoeien met zoveel mogelijk eigen ruwvoer van de 75 hectare gras en 15 hectare mais. Door derogatie groeide het aandeel grasland naar 80%. “Afgelopen jaar hebben we ons vooral gericht op het halen van meer melk uit ruwvoer”.

Terwijl zijn koeien op stal genieten van vers gras, vertelt Arjan hoe hij dit doel bereikt met zomerstalvoeren en Nieuw Nederlands Weiden.

Toch zomerstalvoeren

De najaarskuil in het rantsoen viel altijd tegen, zelfs als de voederwaarden goed waren, begint de melkveehouder zijn verhaal. Zomerstalvoeren leek daarom een goed alternatief voor al het najaarsgras. Het idee was om alleen de laatste snede vers te voeren.

Na een gesprek met zijn Agrifirm-adviseur besloot Arjan toch om al in het voorjaar te beginnen met zomerstalvoeren. “Want zo krijgen we in voor- en najaar nog meer vers gras in de koe. We maken nu optimaal gebruik van de hogere voederwaarde en het hoge eiwitgehalte van vers gras in vergelijking tot kuilgras.”

Vers en luchtig gras

In het eerste jaar heeft Arjan veel ervaringen opgedaan en keuzes gemaakt, zoals de keuze voor de frontmaaier: “De start met een schijvenmaaier was absoluut geen succes. Nu hebben we een trommelmaaier, dat gaat stukken beter, deze machine maait goed onder alle omstandigheden.”

Timing is cruciaal bij zomerstalvoeren: de smakelijkheid van het gras, het weer, en de keuze tussen percelen. Daarnaast is de techniek belangrijk. Arjan deelt graag zijn ervaringen: “Ik ben groot voorstander van de dwarsafvoerband, om het gras luchtig voor de koe te krijgen. Met een shovel druk je het gras te veel in elkaar, waardoor het snel gaat broeien. We hebben geen messen in de wagen, waardoor je het gras zo min mogelijk beschadigd. Ook met laden proberen we het gras zo min mogelijk te beschadigen om moezen en broei te voorkomen.”

Serieuze investeringen

In het eerste jaar zomerstalvoeren ging het vooral om antwoord te krijgen op de vragen: hoe bevalt het, past het bij ons bedrijf en levert het geld op? Het antwoord op die twee laatste vragen was een duidelijk ‘ja’.

Arjan: “Toen hebben we geïnvesteerd in een compleet nieuwe opraapwagen met dwarsafvoerband aan de achterklep. Dat is een forse investering, die ook wel laat zien dat we het serieus nemen. Ik denk dat je met je eigen ruwvoer maximaal kan melken en tegelijkertijd gras kan verwaarden op je bedrijf. We zijn nog steeds bezig met optimalisatie; hoe benutten we het eiwit beter, hoe stemmen we het krachtvoer scherper af? Het is veel fingerspitzengefühl ontwikkelen.”

Spelen en van elkaar leren

Het zomerstalvoeren was even wennen, legt Arjan uit. “Als je te laat in een grasperceel begint te maaien, voel je dat meteen, want dan zakt de melkproductie per koe iets weg. En als je te vroeg gaat maaien heb je geen reserve meer. Dan maai je jezelf er als het ware uit.”

Arjan ziet het spel ervan in: “Het is spelen met de verschillende facetten, dat is ook weer het leuke ervan. En Agrifirm helpt me met het proces, hoe ik het eiwit optimaal kan benutten.”

Naast individueel advies heeft Agrifirm ook een zomerstalvoeren-appgroep in het leven geroepen. Hierin kunnen melkveehouders die actief bezig zijn met zomerstalvoeren hun ervaringen met elkaar delen. “Het is fijn te kunnen sparren met elkaar”, vult Arjan aan.

Blijven rekenen

Arjan blijft rekenen aan het optimale rantsoen. Zo ook met het beweiden. Hij past het Nieuw Nederlands Weiden toe, wat goed bevalt. 18 hectare grasland is ingedeeld in 7 kleine percelen, elke dag krijgen de koeien een ander perceel. Na 7 dagen is het gras weer aangegroeid en begint het rondje opnieuw.

Het aanvullende krachtvoer en vers gras dat nodig is, berekent Aran samen met de Agrifirm-adviseur. “Buiten eten de koeien ongeveer 4 tot 5 kilo droge stof. Daarnaast krijgen ze 3 tot 4 kilo droge stof aan snijmaïs in het rantsoen, de rest is vers gras met zomerstalvoeren. Zo benutten we het eiwitrijke gras maximaal. Op het moment dat je gaat inkuilen ben je al gauw 100 tot 150 VEM kwijt”, rekent Arjan voor. “Door de combinatie van beweiden en zomerstalvoeren benut ik mijn areaal optimaal”, concludeert de melkveehouder.

Kijk voor meer informatie op Reken op Ruwvoer

Sponsor

Reageren

U kunt alleen reageren wanneer u ingelogd bent met uw account. Heeft u nog geen account, meld u dan aan.