Melkvee100Plus
Show article

Een koeienboer op bezoek bij een koffieboer leidt tot een gesprek over koeien, koffie, ondernemen, mensen en de overheid. “Poeh, wat is het tegenwoordig lastig om boer te zijn, lijkt me”.

‘Eerst koffie”, leest melkveehouder Marcel Meyer op de muur van het kantoor van koffie-ondernemer Marcel Blaauwgeers. “Dat is altijd een goed begin”. De ondernemers beginnen hun gesprek met de overeenkomsten tussen poedermelk voor kalveren en voor in de cappuccino. Blaauwgeers hielp vroeger zijn vader, die melkveehouder was, met het voeren van de kalveren. “Wat rook die Sprayfo lekker hè? Bijna net zo lekker als de cappuccino van nu”, grapt hij.

Meyer heeft ook een koffieautomaat in de kantine. “Zo kun je gesprekken met vertegenwoordigers veel korter houden. Met een ouderwets koffiezetapparaat was je veel te lang bezig en een gesprek duurde daardoor ook langer”.

Geen echte boer

Blaauwgeers kwam er als tiener achter dat hij geen echte boer was. “Ik werkte bij een supermarkt en kon daar na mijn diensttijd weer aan de slag. Dat leek me veel mooier. Maar ik wou wel altijd zelfstandig ondernemer worden”. Op een ondernemersbeurs in Utrecht kwam hij in gesprek met Fortune en een half jaar later had hij zijn eigen bedrijf. De paardenstallen werden magazijn en parkeerplek voor zijn bus. In het begin ging er wekelijks ongeveer een pallet aan handel door, maar dat werd steeds meer.

In 2012 nam Blaauwgeers het eerst personeelslid in dienst en werd de oude ligboxenstal gesloopt. Daar kon, na een procedure van twee jaar met de gemeente, een nieuw magazijn worden gebouwd. Meyer haakt hierop in. “Wij komen in Nederland zoveel regels tegen dat sommige bedrijven echt geen uitweg meer zien.” Blaauwgeers: “Ik las inderdaad dat het aantal zelfmoorden in de agrarische sector zo hoog was. Dat mag toch niet?”

Wil de overheid van je af?

Meyer vertelt over fosfaatrechten. Hij liet in 2012 een nieuwe stal bouwen voor 250 melkkoeien, in hetzelfde jaar als Blaauwgeers een nieuw magazijn. “Hierin staan nu er 180, maar de rest is afhankelijk van fosfaatrechten. Het recht om een koe te melken kost ongeveer € 9.000’, zo legt Meyer uit. “Dat is toch eigenlijk bijzonder?”, verbaast Blaauwgeers zich. “Stel dat ik een investering moest doen in bijvoorbeeld een nieuwe machine en die kostte me een ton, dan kan de overheid dus zo ineens bepalen dat het niets meer waard is? Dat kan toch niet? Ik ben echt niet bang om te investeren, maar dan moet het me ook wat opleveren. Ik wil snel rendement. Bij jullie betalen sommige investeringen zich pas na twitnig jaar uit en soms helemaal niet. Heb je het idee dat de overheid van je af wil?” “Ja, die indruk krijg je soms wel”, antwoordt Meyer.

“Poeh, had je terugkijkend wel boer willen worden?”, vraagt Blaauwgeers. “Zeker wel”, antwoordt Meyer. “Maar dan had ik eerder meer willen groeien. Na 2015 is het gewoon lastig geworden.” “Wat een ad hocbeleid wordt er gevoerd, of niet? Daarin kun je toch niet ondernemen?”, vraagt Blaauwgeers zich af. Hij mag nu altijd uitbreiden binnen het magazijn. Als hij wil uitbreiden, mag hij de carport bij het magazijn trekken zonder extra vergunningen.

Vaste prijzen

Bij Blaauwgeers staan de inkoopprijzen vast en de verkoopprijs ook min of meer. “Ik ga natuurlijk geen andere prijzen hanteren als mijn collega’s in de rest van Nederland. Mijn winst zit niet zozeer in de machines, maar in de hoeveelheid koffie die ik lever.” Blaauwgeers kan groeien door meer klanten te vinden of meer per klant te leveren.

De ondernemers ontdekken hun overeenkomsten in enthousiasme en ondernemerschap, maar zien ook hun verschillen. Blaauwgeers: “Ik kan een rekening sturen, jij kunt dat niet. Jij moet eerst aan je eigen bedrijf denken. En je hebt eigenlijk geen concurrentie.” “Nee”, vertelt Meyer, “ik lever aan FrieslandCampina. Maar ik zie een coöperatie wel als een instelling met ‘meeste stemmen gelden’. Dus als er een vergadering is over iets wat me niet zint, zal ik daar echt wel een statement maken.”

“Je moet ook echt vertrouwen hebben in je eigen ideeën. Je eigen kop volgen. Als je met plannen bij een bank komt en je hebt er zelf al weinig vertrouwen in, wat moet zo’n bank dan? Ik ben een rekenaar, een saldobedrijf. Ik wil ook kunnen verdienen bij een lage melkprijs. Ik kijk waar ik dan kosten kan schrappen of hoe ik de productie kan verhogen en zo de kosten over meer liters verdeel. Ik reken veel. Maar meer melk betekent vaak ook meer kosten. Nu is de productie goed.” “Eigenlijk gek dat mijn marge op melkpoeder hoger is dan die van jou op melk”, vindt Blaauwgeers.

Doelen stellen

Meyer nam het bedrijf over van zijn ouders. “Ik mag graag met dieren werken, maar ben ook echt een ondernemer. Ik heb in het buitenland stage gelopen en me verbaasd over het ondernemerschap daar. Die motivatie daar is geweldig. Dat nam ik mee naar Nederland. Ik wil nu ook doelen stellen en kengetallen verbeteren.” Blaauwgeers herkent dat. “Ik heb nu 600 klanten en wil naar 700. Ik ben geen topondernemer in de zin dat ik het onderste uit de kan wil hebben, maar ik wil meerwaarde creëren. Als ik goed met mijn klanten omga, praten ze goed over mij en komt er vast wel weer handel achter weg.”

Omgaan met mensen

Waar de beide ondernemers elkaar in vinden is dat ze graag met mensen omgaan. Meyer: “Ik werk heel graag met dieren, maar wil wel mensen om me een hebben. Sowieso een medewerker. Mijn bedrijf heeft de juiste omvang dat ik een medewerker moet hebben. Dan heb je gemiddeld zo’n 60 koeien extra nodig. Maar dat geeft me wel de vrijheid om op vakantie te kunnen. Ik mag graag melken, maar mijn vader adviseerde me een robot te nemen. Met alleen een medewerker ben ik in de weekenden nog steeds zelf aan het melken. Ik heb met Lely gesproken en kon de robots eerst een jaar op proef gebruiken, na drie maanden wilde ik ze al niet meer kwijt. Nu kan ik mee naar school en sport met de kinderen. Een moderne boer moet dat kunnen plannen. ”

Meyer heeft een personeelslid en regelmatig stagiaires. Blaauwgeers heeft twee fulltimers in dienst. Beide ondernemers hebben een kantine voor het personeel. “Maar”, zo zegt Meyer, ”ze eten ook mee aan de keukentafel. Door ze echt onderdeel te maken van het bedrijf en de familie houd ik de motivatie erin.” “Dat is bij mij nog wel eens mijn valkuil”, vertelt Blaauwgeers. “Dan ben ik zo enthousiast en heb ik plannen, maar dan vergeet ik dat te delen met personeelsleden Martijn en Wiljan, terwijl ik hun betrokkenheid heel belangrijk vind.”

Laten zien wat je doet

Meyer is veel bezig met laten zien wat hij doet. Recent had hij een open dag met 1.700 bezoekers. Ook Blaauwgeers staat veel op evenementen met zijn koffiekar. “Het verschil is alleen dat ik er niets aan verdien”, zegt Meyer. Toch zijn ze het erover eens: “Het domste wat je kunt doen, is niks doen.”

Beide ondernemers willen de komende jaren groeien. Meyer wil zo snel mogelijk de stal zien vol te krijgen, maar is afhankelijk van de fosfaatrechten. En Blaauwgeers wil zo’n 15% per jaar groeien in omzet. “Dat heb ik de afgelopen 17 tot 18 jaar ook gedaan. Ik boek geen gigantische winsten, maar ik heb zo een prachtig leven. Koffie is het mooiste product ter wereld. Ik kom binnenkort wel bij je langs om het over de koffieautomaat te hebben.”

‘Succes is je eigen kop volgen’

Marcel Meyer (42) heeft samen met zijn vrouw Monique (40) een maatschap in Holthone (Ov.). Ze hebben drie kinderen tussen 4 en 9 jaar. Het bedrijf telt 180 melkkoeien en 120 stuks jongvee. De productie is 9.700 liter en het bedrijf omvat 130 hectare. Meyer melkt sinds 2002 op de nieuwe locatie in Holthone. Het ouderlijk bedrijf staat in Hertme. Hij melkt met drie robots en heeft een voeraanschuifrobot.
Melkveehouder Marcel Meyer in vier uitspraken:
❶ ‘Succes is je eigen kop volgen’
❷ ‘Werken met mensen is mooi, maar ik werk ook erg graag met dieren’
❸ ’Mijn bedrijf moest zo groot worden dat ik medewerker aan kon nemen. Dat geeft je vrijheid’
❹ ‘Ik ben een rekenaar. Ik wil ook kunnen verdienen bij een lage melkprijs’

‘Koffie is het mooiste product ter wereld’

Marcel Blaauwgeers (48) woont samen met zijn vrouw Sabine (45) en heeft een franchiseonderneming van Fortune Coffee. Ze hebben twee zoons van 11 en 13 jaar. Blaauwgeers startte in 2001 als zelfstandig ondernemer. Daarvoor was hij supermarktmanager. Hij heeft twee fulltime personeelsleden en levert aan 600 bedrijven in de regio Drenthe koffie, koffieautomaten en benodigdheden.
Koffieondernemer Marcel Blaauwgeers in vier uitspraken:
❶ ‘De gunfactor is bij mij heel belangrijk’
❷ ‘Ieder jaar 15% groeien in omzet geeft mij een prachtig leven’
❸ ‘Van handel komt vaak weer nieuwe handel’
❹ ‘Van een enkele keer een lage marge lig ik niet wakker. Het gaat om de lange termijn’

Gerelateerde artikelen

Reageren

U kunt alleen reageren wanneer u ingelogd bent met uw account. Heeft u nog geen account, meld u dan aan.