Melkvee100Plus
Show article

De familie Harbers uit Barger-Compascuum melkt met twee Astronaut A4 melkrobots zo’n 120 koeien en voert met het Vector automatisch voersysteem alle groepen. Het meeste landwerk wordt door het loonbedrijf uitgevoerd en daarnaast komt er nog twee dagen per week een medewerker voor de overige klussen, waarbij extra handjes van pas komen. “Ik heb het mooiste beroep van de wereld.”

“Ik heb van mijn hobby mijn beroep gemaakt.” Al van jongs af aan wilde Johan Harbers graag boer worden. In 1989 nam hij het bedrijf van zijn vader over in Nieuw-Schoonebeek. Hij was daarmee de zesde generatie in de familie die in het bedrijf toetrad. “Dit komt neer op zo’n 200 jaar familiegeschiedenis”, vertelt hij trots. De intentie was om hier het boerenbedrijf voort te zetten. Maar door de Natura 2000 gebieden was dit niet langer mogelijk. “We hebben toen gezocht naar een nieuwe locatie. Uiteindelijk is dat een kavel geworden in Barger-Compascuum. Hemelsbreed zo’n 14 kilometer verderop. In 2014 hebben we daar een nieuw bedrijf gestart.” Het hele proces van de verplaatsing heeft zo’n vijf jaar geduurd.

Early adapter met de A2

Op de locatie in Nieuw-Schoonebeek melkte Johan vanaf 2002 met de Lely Astronaut A2. Voor die tijd melkte hij in een zevenstands open tandem. Hier was hij al snel tweeënhalf uur mee zoet en daarom werd dit lichamelijk te zwaar. Hij was én is een ‘Early adapter’ en zag toekomst in het robotmelken. “Ik ben gek van techniek”, beargumenteert hij zijn keuze voor de melkrobot destijds. “Daarnaast kon Lely mij het beste helpen bij het wijzigen van het bedrijfsmanagement bij de overstap van conventioneel melken naar robotmelken.” Tot 2014 heeft hij met de A2 melkrobot gemolken in Nieuw-Schoonebeek. “Ik had gemakkelijk nog een paar jaar door kunnen melken met de A2, maar ik heb het bedrijf zo moeten achterlaten.”

Compleet pakket

In 2013 ging de familie aan de slag met de plannen en het ontwerp voor de stal in Barger-Compascuum. Lely was destijds weer een van de aanbieders voor de melkrobots. “Een van de redenen waarom we destijds weer voor Lely hebben gekozen is dat de Astronaut en de Vector gewoon heel goed met elkaar communiceren. Dit is een compleet pakket.” Johan was ook direct geïnteresseerd in het automatisch voeren. De buurman had een van de eerste Vectorsystemen en dit wekte ook de interesse van Johan. Bovendien werkte hij op de vorige locatie met een Weelink voerhek, waarbij er blokken op de voergang worden gezet en de hekken langzaam naar elkaar toe bewegen tot dat het voer op is. “Ik wilde graag naar een systeem toe, waarbij ik alvast voer kon klaarzetten voor meerdere dagen.”

Inpandige voerkeuken

“In eerste instantie wilden we de voerkeuken in onze kapschuur plaatsen, aanvankelijk leek dat een goedkoper idee. Maar of je nu een paar spanten tegen de stal aan zet of tegen de kapschuur…. Toen hebben we ervoor gekozen om de voerkeuken te integreren in de stal met een paar spanten. Dit betekent dat de Vector in één stal rijdt, waar alle groepen koeien te vinden zijn.” De nieuwbouw stal is ongeveer honderd meter lang waarbij de voergang zich in het midden van de stal bevindt.

Bij de hand nemen

In december 2013 zat de familie inmiddels in de ontwerpfase en in maart 2014 is er gestart met het bouwen van de stal, waar plaats was voor twee Lely Astronaut A4 melkrobots en het Vector automatisch voersysteem. “We hadden een afspraak op vrijdagmiddag om 16.00 uur met de adviseurs van Lely Center Heerenveen. Na wat overleg heen en weer kwamen we eruit, we konden het weekend in gaan met een deal, dat was snel beklonken”, grapt Johan tevreden. Vervolgens kreeg de familie begeleiding vanuit project coördinatie en farm management support van Lely Center Heerenveen. Omdat de familie middenin de verbouwing en de verhuizing zat, was dat soms best lastig. Wat zijn je doelstellingen? Wat moet de Vector voor je doen? En wat juist niet? “Deze begeleiding kwam voor mij wat aan de vroege kant. Jaap-Tjeerd Heida nam mij bij de hand en gaf mij advies wanneer er beslissingen genomen moesten worden. Later kunnen we dit nog finetunen en bijsturen, zei hij. Dat is goed gelukt!”

Spannende verhuizing en opstart

De dag van de opstart op het nieuwe bedrijf was heel spannend. “2 december 2014 ’s ochtends nog door de robot op de oude plaats en daarna alle halsbanden af, op de vrachtauto naar de nieuwe locatie en daar inmelken. Dat was heel spannend. Het was een stressvol dagje. Ik wilde zowel op de oude als op de nieuwe locatie zijn…”, aldus Johan. De dieren zijn dus meeverhuisd naar de nieuwe locatie. Het verschil tussen de A2 en de A4 Astronaut is onder andere het instappen van de koeien in de melkrobot. Hier moesten de koeien even aan wennen. Na een paar dagen hadden de koeien door dat ze via de achterzijde de robot konden betreden in plaats van via de zijkant. “Al met al hebben de koeien het wel zwaar gehad tijdens de verhuizing. En wij ook.”

Loslaten

Het basisprincipe van de Lely Astronaut is gebaseerd op vrij koeverkeer. Johan deelt deze visie. “Een koe is prima in staat om zelf naar de robot te gaan, mits de randvoorwaarden goed zijn. Ik ben ervan overtuigd dat ze dan tot een optimale productie komen. En als je daarin gaat sturen middels hekverkeer is dat voor de koe niet beter. Zodra jij gaat sturen, dan is het in feite al iets onnatuurlijks”, vindt Johan. “Toen ik melkte met de A2 had ik veel moeite om de koeien los te laten en erin te vertrouwen. Het loslaten van de koeien heb ik moeten leren, maar dat is wel heel belangrijk voor het robotmelken.” Het melken met de Astronaut heeft veel werkverlichting opgeleverd. “Ik kan mijn eigen tijd indelen. Ik ben veel flexibeler en heb meer tijd voor andere dingen en kan daar de puntjes op de i zetten. In mijn oude patroon was ik veel meer fysiek met de koeien bezig en nu ben ik op een heel ander level met het bedrijf bezig. Veel meer op managementniveau en veel meer sturen aan de hand van data”, analyseert Johan. “Ik ben tevreden over de Astronaut. Je bent verlost van veel fysieke arbeid en daarnaast levert het je heel veel data op, dat is mij heel veel waard.”

In- en uitkuilmanagement

De Vector is sinds 2014 in bedrijf. Johan werkte dus op de oude locatie met een voorraadvoedering systeem. Hij heeft zich toen verdiept in het automatisch voeren door middel van het volgen van een aantal studiedagen en het bezoeken van collega veehouders. “Ik heb slimme dingen gezien én ook dingen gezien zoals ik het niet wil. De manier waarop Lely omgaat met de voorraad voer: de blokken intact laten en deze eerst een voor een opmaken. Het voer is niet allemaal in beweging, zoals bijvoorbeeld in een bunker. Dat zijn wel dingen die mij het meeste aanspraken in de Vector.” In- en uitkuilmanagement is een heel belangrijk onderdeel van de voerstrategie op het bedrijf. “In de voerkeuken moet perfect voer staan, in perfecte blokken. Je kunt nog zoveel mengen, maar kuil wat al in de broei zit, blijft slecht voer. Wij werken standaard moet toevoegingsmiddelen om de broei zoveel mogelijk tegen te gaan in de kuil. Overal is over nagedacht, bijvoorbeeld de afmeting van de silo, dat heeft er ook mee te maken. Dat is toch wel een van mijn speerpunten rondom het voeren, dat vind ik heel belangrijk”.

Bovengemiddeld ruwvoer opname

Het ruwvoer wordt goed benut ziet de veehouder. “Ik heb nagenoeg geen restvoer. Dit heeft ook te maken met je in- en uitkuilmanagement en kleine porties aan het voerhek, zodat het ook vers blijft. Ik kan meerdere rantsoenen draaien voor meerdere, kleine groepen. Ik optimaliseer de rantsoenen met het eiwit component. De balans tussen te veel en te weinig eiwit, daar ben je constant mee bezig. Zo efficiënt mogelijk bijsturen. Samen met Agrifirm hebben we gekeken naar de voeropname. Hierin zagen we dat we een bovengemiddelde ruwvoer opname hebben wat resulteert in een goede productie.” Wanneer de koeien buiten lopen, werkt de Vector met een voerpauze voor de melkkoeien. Zodra de koeien weer binnen komen, ligt er vers voer voor het hek. Het programma aanpassen doe je door middel van het wijzigen van een instelling, dat is heel gemakkelijk. “Het tijdstip van voeren moet wel constant blijven, zodat de koeien dat ritme behouden”, adviseert Johan.

Vector heeft veel gebracht

Dat Johan enthousiast is over de Vector schuift hij niet onder stoelen of banken. “Ik ben heel erg tevreden over de Vector. Het heeft mij veel gebracht. Ik ben ervan overtuigd dat de Vector mij meer oplevert dan de Astronaut wat betreft arbeidsbesparing.” In totaal is de Vector gemiddeld zo’n zestien uur per dag bezig met het voeren, mengen, scannen en aanschuiven in de stal. “Ik heb ook gekeken naar de investering van een trekker en voermengwagen, arbeidsuren en energieverbruik. Als je dit vergelijkt kan de Vector voor mij al snel uit. Ik ben ervan overtuigd dat de Vector zichzelf gaat terugverdienen door het efficiënter benutten van het eiwit en het energieverbruik”, concludeert Johan resoluut.

Bedrijfsgegevens melkveebedrijf Harbers

 

De familie Harbers heeft een melkveebedrijf in Barger-Compascuum. Het rollend jaargemiddelde zit op 10.670 kg per koe per jaar met 4,40% vet en 3,62% eiwit. Het celgetal ligt momenteel op 200. De doelstelling is om dit getal onder de 150 te krijgen. Er zijn 120 melkkoeien met bijbehorend jongvee. Het bedrijf bezit zo’n 60 hectare grond. In samenwerking met een nabijgelegen akkerbouwer ruilen zij elk jaar van kavel, in verhouding 1 op 1,5 hectare.

 

Sponsor

Reageren

U kunt alleen reageren wanneer u ingelogd bent met uw account. Heeft u nog geen account, meld u dan aan.