Melkvee100Plus
Show article

Melkveehouders kunnen op het eigen bedrijf mest verwerken door gescheiden mest te hygiëniseren. Met name het mest- en fosfaatoverschot en de afzetkosten van de diverse meststromen zijn sterk bepalend in de terugverdientijd.

De afgelopen jaren heeft het scheiden van mest een opgang gemaakt. Ondernemers verkleinen hun mestvolume en kunnen de dikke fractie soms goedkoper ­afzetten. Het is echter geen verwerking, dus melkveehouders voldoen ermee niet aan de mestverwerkingsplicht.

Met het koppelen van een hygieniseerder aan de scheider is het een ander verhaal. Een aantal leveranciers heeft inmiddels zo’n installatie voor op boerderijniveau op de markt (zie kader). De meeste systemen werken met een draaiende trommel, waarin de mest na de scheidingsstap 12 tot 18 uur in verblijft. Aan het einde van de trommel resteert een gedroogd en bacterievrij product.

Om een exportwaardig product te verkrijgen moet de mest minimaal één uur boven de 70 graden zijn verhit. Met een data-log kan de NVWA controleren of aan kritische punten ­zoals temperatuur en verblijftijd is voldaan. Een melkveehouder krijgt een exportcertificaat en mag zelf de mest in het buitenland plaatsen. De installatie krijgt een erkenning per locatie en mag dus niet mobiel worden ­gemaakt.

Meerdere voordelen

Zelf mest scheiden en hygiëniseren heeft een aantal voordelen. De installatie is een officiële mestverwerker, mits de fosfaten in de dikke fractie buiten de Nederlandse landbouw worden afgezet. Boeren hoeven geen VVO-contract meer af te sluiten.

Zeker zo belangrijk: boeren kunnen door het verlagen van het volume de mestafzetkosten drukken. De mate waarin hangt af van wat ophalen van de dikke fractie kost. In de praktijk worden al gauw bedragen van € 15 tot € 30 per ton gevraagd, afhankelijk van afstand en bestemming. Ook dunne fractie moet een bestemming krijgen. Op grasland kan deze drijfmest vervangen, maar op intensieve bedrijven moet ook een deel afgezet worden.

Een ander voordeel ligt op bedrijven die diepstrooisel gebruiken in de stal. Ze gebruiken de dikke fractie uit de mestscheider als vulmateriaal. In tegenstelling tot de gewone scheiding is er na hygiënisatie geen discussie meer over gezondheid van uiers en melk.

Specifieke omstandigheden

De techniek is nog in opkomst. Of een investering uitkan, hangt van veel variabelen en specifieke omstandigheden af.

De eerste is de bedrijfssituatie, zoals fosfaat- en mestoverschot, de hoeveelheid verplichtte mestverwerking, benutting van de capaciteit en wel of geen subsidiemogelijkheden. Ook het kunnen gebruiken van dikke fractie in de boxen is een variabele.

Ten tweede is er de werking van de installatie zelf: het scheidingsrendement is niet altijd hetzelfde, evenals de gehalten in de eindproducten.

De derde, lastige variabele zijn de kosten voor afzet van drijfmest, dikke fractie en dunne fractie. Sommige bedrijven kunnen mest goedkoop in de regio kwijt, andere moeten verder weg. Afzet van dikke fractie naar het buitenland kost nu nog geld door het transport maar optimisten rekenen dat het product straks gratis afgehaald wordt.

Afzetkosten dalen

In de tabel Kleine installatie... is een globale kostenindicatie ­gemaakt voor een kleine installatie met een ­capaciteit van 18.000 kuub per jaar. De kosten per kuub zijn voor deze installatie berekend op € 4,02 bij 9.000 kuub drijfmest per jaar en € 2,42 bij 18.000 kuub. Met name de energiekosten, hier is gerekend met € 20 per dag, zijn variabel.

In tabel Effecten van hygiëniseren voorbeeld­bedrijf zijn de cijfers vanwege het groot aantal variabelen bij benadering. Aanwending en/of ­afzet van dunne fractie is buiten beschouwing gelaten. De verwerkingsplicht is afhankelijk van de hoeveelheid eigen grond en eventuele uitbreiding; hier is geteld met 50 procent verwerking van het overschot.

Afhankelijk van de gehanteerde mestprijzen ziet het bedrijf met 250 koeien de kosten voor mestafzet bij prijzen van € 15 per ton dalen met € 41.500 per jaar. Op het grote bedrijf is dat zelfs € 107.250 per jaar. Kan het bedrijf het strooisel zelf gebruiken, dan bespaart het bedrijf met 250 koeien daar € 21.500 op en het bedrijf met 500 koeien € 43.000 per jaar.

Bij andere hoeveelheden afzet en kosten per kuub drijfmest of dikke fractie kan een voordeel snel omslaan in een nadeel en vice versa. Hoe meer mest af te voeren en hoe groter het verschil tussen afzetprijzen voor drijfmest en dikke fractie, hoe sneller een machine interessant is. Naast het financiële argument telt voor melkveehouders onafhankelijkheid. Dat gaat ­gepaard met enig risico en vraagt ondernemerschap en pioniersdrift om interessante afzetmogelijkheden te zoeken.

René Stevens

 
De gekozen voorbeeld­installatie kost tussen de € 2,42 en € 4,02 per kuub drijfmest. Benutting van capaciteit drukt de jaarkosten fors.

 
De afzetkosten van mest zijn flink te verlagen. Bij VVO-prijzen van € 2 per kilo fosfaat besparen de voorbeeld­bedrijven € 6.600 of € 17.400 aan contracten om aan de verwerkingsplicht te voldoen.

Meerdere typen installaties

Distrimex verkoopt drie modellen van de Oostenrijk Bauer Bedding Unit. Het kleinste model (compact, 700 koeien) heeft een capaciteit tot 18.000 kuub per jaar, de middelste (1.000 koeien) tot 25.000 kuub en de grootste (2.000 koeien) tot 50.000 kuub. Het compact-model heeft een stroomverbruik van 6 kW per uur.
VT Products heeft vier typen van de Amerikaanse BeddingMaster: de BeddingMaster 6-20, 6-32 en 8-40. De kleinste is vanaf 250 melkkoeien; de grootste kan 1.200 koeien aan. Een nieuw type in ontwikkeling is de 5-14 die tot 200 koeien bruikbaar is. De kleinste heeft een stroomverbruik van 6 kW per uur.
Smits Agro verkoopt de installatie van Wolbers Mesttechniek. Deze heeft geen droogtrommel maar een systeem waarbij de mest in de container telkens van de ene naar de ­andere kant wordt getransporteerd. Het heeft een modulaire opbouw, waarbij met eventuele nabewerking van de mest en dunne fractie. De dikke fractie heeft een droge stof van circa 60 tot 90 procent. De capaciteit is 5.000 tot 20.000 kuub per jaar.
Veenhuis Machines heeft vier modellen: VHU5 met 3,5 kuub per dag voor maximaal 230 koeien, VHU14 met 10 kuub per dag voor 650 koeien, VHU28 met 20 kuub voor 1.000 koeien en VHU50 met 36 kuub per dag voor maximaal 2.400 koeien. Het energieverbruik van de VHU14 ligt gemiddeld rond de 6 kWh.
Bos Machines heeft een verticaal apparaat maar nog geen specificaties.

Auteur

Rene%20Stevens
Freelanceredacteur Melkvee100Plus

Gerelateerde artikelen

Reageren

U kunt alleen reageren wanneer u ingelogd bent met uw account. Heeft u nog geen account, meld u dan aan.